weblog

Uitreiking Helena Vaz da Silva European Award

Lissabon - een verslag

7 oktober 2014

Made in Europe, De kunst die ons continent bindt van Pieter Steinz werd bekroond met een Special Mention van de Helena Vaz da Silva European Award for Raising Public Awareness on Cultural Heritage. Zijn dochter, Jet Steinz, nam op vrijdag 3 oktober de prijs voor hem in ontvangst. Lees hier haar verslag uit Lissabon.

Het is heet wanneer ik in Lissabon arriveer — en het zal nog heter worden, volgens “mijn” chauffeur Adriano, die me vanaf het vliegveld naar het chique Tivoli Lisboa rijdt. 30 graden wordt het op de dag van de uitreiking van de Helena Vaz da Silva European Award for Raising Public Awareness on Cultural Heritage. Winnaar van de Grand Prix is de Turkse schrijver en curator van het Museum van de onschuld Orhan Pamuk, maar de jury heeft ook een Special Award en een Special Mention toegekend: de eerste aan de Portugese kunsthistoricus José-Augusto França, de tweede aan mijn vader, Pieter Steinz, voor zijn boek en blog Made in Europe: een project waarvoor hij culturele iconen verzameld heeft die het Europese continent vormen en verenigen. Omdat papa zelf niet meer goed kan reizen, en al helemaal niet meer kan praten, ben ik gestuurd om hem te vertegenwoordigen — en dus zal ik morgen, op vrijdag 3 oktober 2014, de eer in ontvangst nemen en zijn dankwoord uitspreken.

Maar dat is morgen. Vandaag installeer ik me in mijn hotelkamer, hang alle kleding die ik heb meegenomen aan een haakje (ik weet nog steeds niet wat ik morgen aan ga doen), verruil mijn warme broek en schoenen voor een hoogzomeroutfit en ga de stad in.

Lissabon, uitzicht van het Palacio Belmonte

Ik ben nog nooit in Lissabon geweest, maar ik voel me al snel thuis in de stad met haar smalle straatjes, tweedehands boekhandels, gele trammetjes, pastelaria’s (banketbakkers), vele miradouro’s (uitkijkpunten) en grote hoogteverschillen: als je van de statige Avenida da Liberdade naar het hippe hostel Independente loopt klim je zo tientallen meters, van het oude Alfama naar de kade aan de Taag overbrug je een evengrote hoogte.

’s Avonds schuif ik aan bij een diner in restaurant Floresta do Salitre, waar de Historical Houses Association zich verzameld heeft, een Brusselse organisatie van eigenaren van historische huizen en landgoederen in heel Europa. Hun jaarlijkse congres vindt dit keer plaats in Lissabon; en omdat de organisatie gelieerd is aan Europa Nostra (de Nederlandse NGO die samen met het Portugese Centro Nacional de Cultura de Helena Vaz da Silva Award organiseert) overlappen de programma’s gedeeltelijk. Onder mijn tafelgenoten bevinden zich twee leden van de jury van de Helna Vaz da Silva Award: de Servische Sneška Quaedvlieg-Mihailović (secretaris-generaal van Europa Nostra) en de Belgische Piet Jaspaert. Volgens Sneška is Europa Nostra “één grote familie”, en na een typisch Portugese maaltijd met veel wijn en verhitte discussies over de nieuwe Eurocommissaris voor Cultuur kan ik me voorstellen waarom.

Boekhandel Ler Devager

Monsieur Jean-François Blarel, de ambassadeur van Frankrijk in Portugal, heeft ons uitgenodigd voor een receptie op vrijdag om half één ’s middags ter ere van de Helena Vaz da Silva Award, en dus maak ik me — na het ontbijt en een duik in het buitenzwembad — klaar om naar het Palais de Santos te gaan, waar de Franse residentie in huist: een gigantische villa (door de Portugese koning Afonso I gebouwd als kerk, omgebouwd tot paleis, in de 17e eeuw gekocht door de familie Lencastre en rond 1900 in handen gekomen van de Franse regering) met weids uitzicht over Lissabon en de Taag. Na speeches van de ambassadeur, Sneška en Guilherme d’Oliveira Martins (directeur van het Centro Nacional de Cultura) bied ik Monsieur Blarel een exemplaar van Made in Europe aan — niet alleen ter lering ende vermaak, maar vooral ook met het oog op een Franse vertaling (waar hij bepaald niet onwelwillend tegenover staat).

Wanneer de plechtigheden voorbij zijn leidt de ambassadeur ons rond in de ambtswoning, die meer op een museum lijkt: ik sta versteld van de stijlkamers vol schilderijen die scènes uit de Bijbel en Ovidius’ Metamorfosen uitbeelden, de privékapel met 16e-eeuwse tegels, het beeld van de Griekse god Hermes in het trappenhuis en het hoogtepunt: de in een piramidevormige koepel ingebouwde verzameling Chinees porselein die weerspiegeld wordt in een prachtig ontworpen ronde tafel. Diep onder de indruk ga ik terug naar het hotel, waar ik de speech doorneem en ter ontspanning en verkoeling nog even ga zwemmen.

Het porseleinen plafond

Om tien voor zes staat Adriano klaar om me naar het Gulbenkian Museum te rijden. Helaas heb ik geen tijd om de museumcollectie (die fantastisch schijnt te zijn) te bekijken, maar ik neem me voor dat een andere keer te doen. Nu word ik verwacht in het Auditorium, waar de ceremonie gaat plaatsvinden; terwijl de zaal volloopt bespreek ik in de wc met Sneška — terwijl zij haar make-up bijwerkt en de laatste wijzigingen in haar speech doorvoert — op welk moment ik Barroso (nog één maand President van de Europese Commissie) het door papa gesigneerde en van opdracht voorziene exemplaar van Made in Europe zal aanbieden.

De avond opent met toespraken van onder meer Artur Santos Silva, directeur van de Calouste Gulbenkian Foundation; daarna worden twee Portugese winnaars van de Europa Nostra Awards 2014 geëerd. Het loopt allemaal eindeloos uit, maar dan is het toch echt tijd voor de uitreiking van de Helena Vaz da Silva Awards 2014. Ook dit onderdeel wordt natuurlijk voorafgegaan door een heleboel woorden — mooie woorden, dat wel, met name die van Plácido Domingo (door Sneška uitgesproken, omdat de voorzitter van Europa Nostra er vanavond niet bij kon zijn), en van Oliveira Martins, die met een drama en passie spreekt die de tolken in hun simultane vertaling niets eens proberen te imiteren (en overigens ook nauwelijks kunnen overstemmen).

dankwoord door Jet Steinz. Foto: Centro Nacional de Cultura / Pedro Melim

En dan is het mijn beurt. Ik word op het podium geroepen, krijg van Dinis de Abreu (directeur van de Clube Português de Imprensa) de Special Mention overhandigd, blijf een tijdje staan terwijl de fotografen hun rolletjes volschieten en neem plaats achter het rostrum, vanwaar ik papa’s dankwoord uitspreek, dat met veel instemming wordt ontvangen. Na afloop overhandig ik Barroso Made in Europe (ook hij moet overtuigd worden van de noodzaak van een vertaling), die er meteen in begint te bladeren — een goed teken, hoop ik. Ook tijdens het dankwoord van Pamuk blijft hij bladeren, en wanneer het zíjn beurt is om te spreken — Barroso eindigt de ceremonie — presenteert hij zijn bevindingen: ondanks het feit dat hij geen Nederlands spreekt, heeft hij met behulp van de index voorin, en de kaarten achterin het boek gevonden met welke culturele iconen Portugal vertegenwoordigd is; en in een speech die waarschijnlijk een lang proces van voorbereiding en redactie heeft ondergaan, bezingt hij à l’improviste de lof van Made in Europe.

José Manuel Durão Barroso en Jet Steinz. Foto: Centro Nacional de Cultura / Pedro Melim

Na de ceremonie vertrek ik met een select groepje mensen naar de bovenste verdieping van het museum. We drinken een borrel op het dakterras en nemen plaats aan twee ronde tafels. Terwijl de heerlijkste gerechten worden geserveerd praat ik met Pamuk over literatuur, Made in Europe en de gids voor de wereldliteratuur die papa en ik op dit moment bewerken, vertelt de weduwnaar van Helena Vaz da Silva me welke musea ik moet zien, en krijg ik Lissabon-tips van de staatssecretaris van Cultuur.

Samen met de juryleden keer ik terug naar het hotel, waar we de avond afsluiten in de skybar met champagne en chocoladetaart en Piet, die jarig is, Happy Birthday toezingen. Nog vol adrenaline beland ik uiteindelijk in bed, en wanneer ik eindelijk slaap droom ik over Portugese, Franse, Engelse, Zweedse, Poolse, Turkse, Russische en Italiaanse vertalingen van Made in Europe. (Goed, dat laatste is niet waar — maar het was een mooi einde geweest.)

Zie ook:

Made In Europe

Schrijver

Jet Steinz

(1990) studeert Internationaal recht en Klassieke talen aan de Universiteit van Amsterdam. Momenteel werkt ze samen met haar vader Pieter Steinz aan een gids voor de wereldliteratuur, die januari 2015 zal verschijnen.

Bekijk alle weblogs van Jet Steinz