weblog

Schrijvers schrijven hun eigen lot

Juul Klein Wolterink – 23 november 2020

‘After returning from the Netherlands with a master’s degree, he realized that it was the time for him to settle down.’ Een willekeurige zin uit een van de korte verhalen van Hafsah Mujalli. Ze vergat het verhaal, in beslag genomen door een scheiding, een gewelddadige broer en een vlucht uit Jemen. Tot ze vlak voor ze dit jaar naar Nederland kwam, haar werk doorliep voor een nieuwe bloemlezing. Het land waar ze nauwelijks iets vanaf wist, dat ze willekeurig had gekozen in een verhaal dat ze lang geleden schreef bleek haar nieuwe bestemming.

In 2005 droeg Hafsah Mujalli haar werk voor het eerst voor op een podium. Het optreden werd georganiseerd voor medewerkers en studenten van de universiteit van Dhamar, Jemen, waar ze één van de weinige vrouwelijke docenten was: ‘Als vrouw was je een soort rebel als je naar de universiteit ging’. Het was ook voor het eerst dat een vrouw van haar stam er zou voordragen. Die avond waren alle 300 stoelen gevuld, maar lang niet alle aanwezigen kwamen voor de literatuur. Het was ongebruikelijk dat vrouwen zo openlijk bekeken konden worden. Er waren zelfs mensen die haar ouders waarschuwden dat niemand meer met Hafsah zou willen trouwen, nu ze zich publiekelijk liet zien.

Vijf jaar later was Hafsah in hetzelfde culturele centrum stoelen aan het klaarzetten, toen een meisje van veertien jaar oud haar vertelde dat ze die middag zou gaan zingen op het podium. Wat is er veel veranderd, dacht Hafsah: nog maar zo kort geleden was haar openbare spreken controversieel geweest; nu kon dit meisje op een podium zingen! De samenleving was langzaam maar onmiskenbaar aan het veranderen.

Hafsah Mujalli. Foto: Juul Klein Wolterink.

Hafsah Mujalli werd geboren in 1986 in Dhamar, een stad ten zuiden van de hoofdstad Sana’a. Haar vader moedigde haar aan om veel te lezen en kritisch te denken, en liet haar naar school gaan. Hij was daarin een uitzondering, voor veel vrouwen in Jemen was en is dit niet weggelegd.* Hafsah las veel, en begon met het schrijven van dagboeken, gedichten en verhalen toen ze tien jaar oud was. Ze studeerde Engels aan de universiteit van Dhamar, en aangemoedigd door haar docenten die haar werk lazen en commentaar gaven, ontwikkelde ze haar schrijven. Na haar afstuderen bleef ze verbonden aan de universiteit; ze gaf er les, werkte er op managementposities, en zette zich daarnaast in voor verschillende literaire instellingen en hulporganisaties.

Hafsah was zich bewust van haar bijzondere positie; het overgrote deel van de vrouwen in Jemen kon niet naar school (vaak om praktische redenen, zoals het ontbreken van sanitaire voorzieningen voor vrouwen op scholen), laat staan zich ontwikkelen in een academische functie of als schrijver.** Hoe fragiel haar positie eigenlijk was, ondervond ze toen ze na een beklemmend huwelijk dat enkele jaren duurde, een scheiding aanvroeg. Van haar vader en broer mocht ze niet langer haar werk uitgeven en voordragen: ‘Ik dacht dat ik rechten had, maar ik had alleen toestemming gehad om bepaalde rechten uit te oefenen’. In het Arabisch is er een gezegde, dat losjes vertaald ongeveer dit betekent: ‘Vrouwen behoeven geen vrijheid, maar een vrije man’. Want alleen een man kan voor jou en je rechten vechten, en je vrijheid geven.

‘It is not my part to fight, but to show what is wrong.’

In haar werk kaart Hafsah dit soort misstanden in de samenleving aan, ze belicht de positie van vrouwen, de verschillende maten waarmee het gedrag van mannen en vrouwen wordt gemeten en hoe vrouwen daar onder lijden. Maar zonder te preken over goed of kwaad; ze gelooft niet in grote woorden of retoriek maar wil haar lezers ruimte voor nieuwe inzichten bieden. In haar werk zit een spanning tussen nabijheid en afstand; ze probeert enerzijds de ervaringen die ze beschrijft invoelbaar te maken, en creëert anderzijds met een ironische toon distantie, die het mogelijk maakt de situatie te bezien en te bevragen. Ze toont wat vreemd is, maar laat de conclusies daarover aan de lezers zelf. Zo kan van onderuit verandering ontstaan, meent ze. ‘Échte verandering zit hem in kleine dingen, in nieuwe manieren van denken, van anders kijken naar de wereld. Zo kan literatuur aan de basis staan van sociale veranderingen.’

Door te besparen op eten en busreizen naar de universiteit, en met hulp van vrienden en familie lukte het Hafsah om haar werk te publiceren: in 2010 verscheen haar eerste verzameling korte verhalen La Yandhroon Lila’ala (‘They Do Not Look Up’), gevolgd door Roo… Mansiyat Sharqiyah in 2013 (Romantic Forgotten Orientals, in het Engels vertaald door Dr. Khaled Nasser Ali Al Mwzaiji and Ahmad Abdullah Salih Muhammad, gepubliceerd door Pen It! Publications, 2018) en Hayat Scan in 2017 (Life Scan, vertaald Dr. Khaled Nasser Ali Al Mwzaiji and Ahmad Abdullah Salih Muhammad, uitgegeven door Bigfoot Publications, 2020). Haar (zeer) korte verhalen werden ook gepubliceerd in kranten en tijdschriften en bekroond met verschillende literaire prijzen, waaronder de Presidential Prize voor korte verhalen in 2007, de eerste plaats in een korteverhalenwedstrijd op de universiteit in Dhamar in 2008, en de Presidential Prize in 2014. Daarnaast organiseerde ze evenementen om jonge schrijvers te helpen een publiek te vinden, literaire salons en festivals. Ze is één van de initiatiefnemers van de Nonah Literary series, dat zich inzet om literaire werken te publiceren in Jemen.

V.l.n.r.: Yandhroon Lila’ala (‘They Do Not Look Up’), Roo.. Mansiyat Sharqiyah (Romantic Forgotten Orientals), Hayat Scan (Life Scan).

Met de komst van een nieuw, strikt Houti-regime dat in 2015 de macht grijpt en door de burgeroorlog, die zich vanaf 2018 tot een ingewikkelde strijd van vele partijen ontwikkelt, wordt het leven in Jemen steeds moeilijker. Elektriciteit en internet worden schaars, het organiseren van bijeenkomsten vrijwel onmogelijk. Hafsah en haar collega’s op de universiteit ontvangen geen salaris meer, omdat het regime geld nodig heeft voor de aanhoudende strijd. Alle jonge mannen worden geacht te vechten voor hun land, en bestraft als ze dat niet doen. Het dagelijks leven wordt begeleid door het oorverdovende geluid van vliegtuigen, bommen en brekende ramen. Tegen de wil van het regime proberen Hafsah en haar vrienden mensen hoop en perspectief te bieden met culturele samenkomsten. Ze organiseren een filmcursus voor jonge makers, maar het regime eiste dat minstens vier van de vijftien beschikbare plekken vergeven worden aan Houti’s. Wanneer Hafsah een school benadert voor een kleinschalige bijeenkomst, wordt ze later gebeld door een onbekende die dreigt dat ze in de gevangenis gegooid zal worden als de samenkomst doorgaat. Mannen en vrouwen mogen niet langer samenkomen in cafés en vrouwen worden steeds meer uit het openbare leven verdreven. Langzaam maar zeker zijn de Jemenieten moe gestreden. Jarenlange oorlog, verzet en hongersnood eisen hun tol.

Als het niet langer mogelijk is om haar werk te laten drukken of voor te dragen, begint Hafsah een Facebookpagina. Onder het pseudoniem Maha Abdullraheem publiceert ze er haar ‘prose poems’; teksten die het midden houden tussen verhalen en poëzie, en meestal zo’n tien regels lang zijn. Anders dan gebruikelijk is volgt ze niet de strenge vormregels van de (klassieke) Arabische poëzie. De pagina wordt door bijna 9.000 mensen gevolgd.

‘Social media is a window, even though I am not there I have a window to that society.’

Nu ze niet langer in Jemen kan wonen en werken, bieden sociale media een nieuwe manier om verbinding te maken met haar lezers. Juist omdat het mogelijk is er je identiteit te verbergen, is die band heel sterk. Naar aanleiding van haar verhalen over liefde en relaties, ontving ze vaak privéberichten van volgers die om advies vragen. Het zijn onderwerpen waarover in Jemen nooit gesproken wordt. Ze is dan ook blij dat ze naar aanleiding van haar werk kan helpen, op een heel concrete en persoonlijke manier. En het contact werkt twee kanten op: zo vroegen haar volgers haar waarom ze wel over de liefde, maar niet over de oorlog schreef. In een aantal nieuwe gedichten belicht ze de pijn en het verdriet dat de oorlog meebrengt.

De oorlog komt ook terug in haar dromen sinds ze in Nederland is. Heel lang ‘had ze de luxe niet om verdrietig te zijn’. Nu is er de tijd, rust, en veiligheid om te verwerken wat ze de afgelopen jaren heeft meegemaakt. Soms rouwt ze om de tien jaar van haar leven die ze heeft verloren aan het vechten en het vluchten. ‘Maar ik verloor tenminste mijzelf niet, ik verloor mijn verstand niet. Ik liet mijn leven niet beheersen door angst.’ Eén manier van verwerken is schrijven, wat ze weer elke dag doet. In de hoop haar werk op een dag weer te kunnen publiceren, onder haar eigen naam. Ook wil ze zich verdiepen in vertalen (Engels-Arabisch) en is ze Nederlands aan het leren. Het is lastig om kennis te maken met een land dat op slot zit. Maar de literatuur blijkt eens te meer een opening te bieden. De Nederlandse boeken die ze leest, zoals het werk van Connie Palmen en het dagboek van Anne Frank, fungeren als een raam dat uitzicht biedt op Nederland. Realistisch maar hoopvol constateert ze:

‘Being here is like being reborn. I know it won’t be easy, I will be starting from zero here. But it is ok, because now I know there won’t be a moment that everything will go away because someone said ‘Now stop’. Now I am holding the responsibility for myself.’

Screenshot

Wij schrijven ons eigen lot…
Schrijvers schrijven hun eigen lot
Wat een vloek voor degenen die zijn geschapen uit verdriet
Voor degenen die er niet in slagen zich met anderen te verbinden
Zodat het zinloos is hun verdriet te delen

Schrijvers schrijven hun eigen lot
Of ze het nu verwachten, of klagen over zijn bitterheid
Lijkt het lot niet op een lege hoepel?
Misschien komt het daardoor dat sommigen het ophangen
en erdoorheen springen, naar de dood, als een laatste nooduitgang.

M.A.
Vertaling: Djûke Poppinga

*Tussen 1991 en 2004 steeg het percentage van meisjes dat primair onderwijs genoot in Jemen van 28% naar 63%. Hoewel in 2020 inmiddels 78,7% van de meisjes primair onderwijs geniet, halveert dat percentage in het secundair onderwijs (40,2%) en geniet slechts 6,2% tertiair onderwijs. In 2020 kan slechts 35% van de vrouwen lezen en schrijven (tegenover ongeveer 73% van de mannen). De ‘educational gender gap’ in Jemen is met 71,1% één van de hoogste ter wereld. Bron: Global Gender Gap Report 2020, World Economic Forum.
** In 2020 is de ‘Labour force participation rate’ van vrouwen in Jemen 6,3% tegenover 72,3% van de mannen. Van de wetgevers, hoge ambtenaren en managers in het land is slechts 4,1% vrouw. Hun vertegenwoordiging in de politiek is ook zeer klein: vrouwen bekleden 6,5% van de ministeriële posities, en het parlement bestaat slechts voor 0,4% uit vrouwen. Bron: Global Gender Gap Report 2020, World Economic Forum.

Juul Klein Wolterink

communicatie: website en social media

bureau

Juul Klein Wolterink is als medewerker communicatie verantwoordelijk voor de websites en sociale media.

j.klein.wolterink@letterenfonds.nl

lees meer