weblog

Evelien van Dort op de ABC-eilanden

Met drie koffers vol letters het alfabet volgen: A, B, C!

4 februari 2019

Kinderboekenauteur Evelien van Dort toog in november met haar man Henk en drie zware koffers richting Benedenwindse Eilanden waar ze drie weken lang deel uitmaakte van de Kinderboekenweken op Aruba, Bonaire en Curaçao met auteursbezoeken, workshops en lezingen. Ze schreef een blog over haar bijzondere reis vol ontmoetingen.

Bij aankomst op Reina Beatrix, aerport Aruba is het nog dertig graden, de hemel kleurt al rood. Nog even en de zon gaat onder. Henk en ik worden verwelkomd met hartelijke mobiele berichtjes: bonbini Aruba. De medewerkster van de autoverhuur heeft in de krant over mijn komst gelezen. ‘Mijn kinderen houden heel veel van lezen,’ zegt ze met een vrolijke lach. ‘Lezen is zo belangrijk.’ Mijn eerste weggeefexemplaar van mijn kinderboek Tommy y e puyitonan di oro (de vertaling in het Papiamento van Tim en de gouden kuikens door Anneke van Drie-Rooimans & Lucia Croeze-Croes) is voor haar. De vrouw neemt het kinderboek in ontvangst alsof het een zeer waardevolle schat is. Er zullen nog veel geschenkboeken volgen voor de basisscholen, speciaal onderwijs, stichtingen die zich voor lezen inzetten en de drie bibliotheken die ik de komende weken zal bezoeken. Drie koffers vol letters is ruim zestig kilo aan kinderboeken voor drie eilanden Aruba, Bonaire en Curaçao.

Er bestaan nog nauwelijks commerciële uitgevers op de Antillen: het Papiaments is een te klein taalgebied om publicatie aantrekkelijk te maken. Alle kinderboeken komen tot stand met financiële steun van bedrijven en particulieren. Er is een groot tekort aan Papiamentstalige kinderboeken. Een aantal van de mondjesmaat gepubliceerde Papiaments-Nederlandstalige kinderboeken zijn eigenlijk onleesbaar voor kinderen, zeker voor beginnende lezers. Te lange, ingewikkelde zinnen, geen lay-out, een verspringend vertelperspectief, geen chronologisch verhaal… Geen kind leest zo een boek, om buikpijn van te krijgen. Is kritiek op zijn plaats? Alleen delen van kennis geeft inzicht. Daarom bezocht ik de afgelopen tien jaar met mijn man jaarlijks een van de eilanden met onze missie: het lezen van kinderboeken stimuleren. Afgelopen jaren is het niveau van de Papiamentstalige kinderboeken verbeterd. Hulde aan de beginnende uitgevers van kinderboeken zoals Denise de Jongh en de openbare bibliotheken.

De volgende dag is het een gezellig weerzien van collega-auteurs uit Aruba, Bonaire, Suriname en Curaçao, medewerkers van bibliotheek BNA (Bibliotheek Nacional Aruba) en vrienden bij de opening van het kinderboekenfestival op Casa Cultura, cultureel centrum met theaterzaal. De tweetalige uitgave Papapiamento-Nederlands Amigonan tur amicinda/ Overal vrienden waar ik ook een verhaal in publiceerde wordt door BNA-directeur Astrid Britten overhandigd aan de minister van onderwijs.

Even tijd om bevriende collega’s te spreken, iedereen is blij want het is feest, boekenfeest. ‘Jouw verhaal in de bundel is heel mooi.’ Complimenten van de Arubaanse auteur Liliane Erasmus. ‘Het raakt me in mijn hart.’ Haar opmerking raakt mij ook, want ze vertegenwoordigt voor mij de Arubaanse cultuur.

Het programma tijdens de opening wordt door leerlingen gepresenteerd met dans en vrolijke muziek. Het Kinderboekenfestival wordt een heel feestelijke week, daar staat de opening garant voor. Op het podium spreken ze Papiaments, een heel mooie, klankrijke taal, maar helaas zijn niet alle woorden voor mij te volgen.

Op zaterdag verwelkomt de koffiecorner/kantoorboekhandel ons met een prachtige Evelien van Dort-boekentafel. Van de medewerkster krijgen we knuffels. De Nederlandse eigenaar haalt koffie, enigszins sceptisch over hoeveel publiek er zal komen, want kinderboeken zijn nu eenmaal geen gevulde koeken. Hij heeft een aantal van mijn Nederlandse titels in huis. Het Papiamentstalige boek bieden we voor een speciale prijs aan. Hoe belangrijk zijn kinderboeken als je maandloon rond de achthonderd euro ligt en een kinderboek tien euro kost?

De eerste vaders en moeders attenderen hun kinderen op de boekentafel. Een Spaanstalige moeder motiveert haar zoon om Papiaments te lezen. Ze wil zelf Nederlands en Papiaments leren en koopt het boek. Henk deelt veel boekenleggers uit en maak foto’s. Ik signeer, maar eerst mogen kinderen hun naam opschrijven, dan kan ik ze foutloos in het boek overnemen. Prachtige namen: Schaulee, Azira, Alysha, Amyra en Juffany. De tienjarige Azira leest me voor uit Tommy y e puyitonan di oro. Woordje voor woordje, haast spellend. Ze spreekt niet goed verstaanbaar Nederlands. Als ik vraag of ze Spaans spreekt, lacht ze en duwt haar Spaanse vriendinnetje naar voren. ‘We zijn BFF,’ zegt haar vriendin. ‘Best friends forever.’

Ik geef Azira haar boek met vijf extra boekenleggers voor al haar zusjes en broertjes. ‘Veel succes met lezen,’ schrijf ik in haar boek. Ze duwt het boek liefdevol tegen haar wang. Azira zal een van de vele leerlingen zijn die worstelen met een veel te lage taalvaardigheid.

Door de mengelmoes van de vier talen die er gesproken wordt op de eilanden (Engels, Nederlands, Papiaments, Spaans) beheersen veel kinderen een taal onvoldoende om tot lezen te komen. Dat is voor mij een heel grote motivatie om in te zetten op boeken en lezen: ieder kind heeft recht om een geletterd lid van de samenleving te zijn.

De wekker gaat om kwart over vijf. Ik sta op en doe de deur naar het balkonnetje open. Het is nog verschrikkelijk donker, regen klettert naar beneden, op de weg langs onze kamer is het al druk met verkeer. Snel even e-mails doornemen, door het tijdverschil is dit het beste moment om gemiste oproepen uit Nederland terug te bellen, appjes te versturen, nog wat posten op Facebook. Henk maakt een kop oploskoffie, we eten ons gezonde bakje cruesli. Ik google nog even naar de achtergrond van de school waar we zometeen heen gaan. Een uurtje later rijden we via de bibliotheek naar de basisschool. Op het kleine eiland – zo groot als Texel – met honderdduizend inwoners en ruim vijftig nationaliteiten, waar nauwelijks openbaar vervoer en fietspaden zijn en slechts enkele (slecht onderhouden) wegen, staat iedere auto in de file, ongeacht waar je heen gaat. Om half acht sta ik voor de eerste klas. De school is versierd met bordjes ‘autor Evelien’ en slingers, leerlingen verwelkomen ons met een lied en er zijn wonderwel titels van mij in iedere groep. Leerlingen van de bovenbouw zijn open, geïnteresseerd, vol met idealen. Soms zijn ze in de zesde klas al veertien jaar omdat het vervolgonderwijs niet aansluit op hun taalvaardigheid.

We nemen drie weken deel aan drie kinderboekenweken: Aruba, Bonaire en Curaçao. Net als in Nederland leg ik auteursbezoeken af voor grote groepen waar ik een uur kom vertellen over boeken, auteurschap en nog veel meer. Vier groepen van dertig tot vijftig leerlingen per groep, drie weken lang, betekent ruim 2000 leerlingen bereiken, nog los van alle signeersessies, lezingen en interviews. Onderzoek door Oberon, uitgevoerd in opdracht van Stichting Lezen en De Schrijverscentrale (2018) heeft uitgewezen dat auteursbezoek leerlingen nieuwsgierig maakt en ze eerder een boek pakken van de auteur. Ik geloof erin. De boekenschenking aan iedere school zorgt ervoor dat kinderen sneller een boek zullen pakken, is onze visie. De schoolbibliotheken zijn vaak sterk verouderd, met titels als Pinkeltje en Duimelot. Door de warme respons, enthousiasme, mooie ontmoetingen en steun van mijn lief blijft mijn energielevel dagelijks positief. Ik ben een warmtemens, ‘hoe heter hoe beter,’ is in Nederland mijn motto. Nu gaat dat niet helemaal op in de Antillen, waar er geen airco in de klassen is; wel een ventilator maar die maakt een behoorlijke herrie en geeft nauwelijks koelte. Bovendien heeft het zoveel geregend dat de muggen zich verveelvoudigd hebben en deet-resistent zijn.

Met Arubaanse vrienden ‘s avonds op een terras, door de zeewind zijn hier minder muggen. We spreken over kinderen en hechtingsproblematiek. ‘Onderzoek geeft aan dat de slaventijd ruim honderdvijftig jaar terug nog steeds invloed heeft op de opvoeding,’ vertelt onze vriend. ‘Moeders konden zich niet met hun kind verbinden, kinderen werden bij de moeder weggehaald, moeders moesten werken, kinderen werden verhandeld. Daar is van generatie op generatie hechtingsproblematiek uit ontstaan. Door de armoede wonen in de sociaalzwakke buurten drie of meer generaties in een veel te kleine woning. Met alle problematiek van dien.’

Kunnen we eigenlijk bij benadering invoelen welke gigantische impact de geschiedenis van de slaventijd en het koloniale bewind van Nederland heeft gehad? Het zijn open vragen om mee te leven, waardoor ik respect heb voor de bijzondere Antilliaanse cultuur, bescheidenheid wil betrachten en vooral ook inzetten op de toekomst: een sociale en duurzame wereld waar er voor kinderen en boeken ook een volwaardige plek is!

Een Arubaanse auteur geeft haar visie: Onze cultuur is onze identiteit. Onze moedertaal is Papiaments. Ik heb nooit in Papiaments leren schrijven, onze instructietaal op de basisschool en voortgezet onderwijs is Nederlands. Ik droom in het Papiaments. Op de meeste overzese eilanden is het lesmateriaal nog steeds in het Nederlands, maar kinderen leren nu ook Papiaments op school. Het is zelfs een verplicht eindexamenvak. In Aruba sinds 2003 de officiële taal naast Nederlands. Papiamento is een veel te klein taalgebied, voor persoonlijke ontwikkeling en werk. Spaans en Engels zijn net zo belangrijk. Door veel Spaanstalige eilandbewoners is Spaans de derde en Engels de vierde taal.

Met Bonairiaanse auteur en vriendin Monica Clarinde gaan we een hapje eten. Ze is zo blij met haar nieuwste kinderboek. Het verhaal geeft een historisch perspectief op Bonaire weer en is tweetalig Papiamentu-Nederlands uitgegeven. ‘Voor mijn lieve vrienden, Hartelijk dank voor jullie steun. Mi ta dese boso hopi plaser. Lesamentu di e buki! Liefs, ku hopi Karizo Masja danki, duizend dank!’ Deze ingrediënten: twee (of meer) talen, warmte, dank, zijn kenmerkend voor de cultuur van lieve mensen en boeken op de Antillen.

In overleg met en op verzoek van de bibliotheek en verschillende lokale stichtingen gaven we workshops kinderboekenschrijven op AVI-niveau. De workshop op Curaçao was overtekend met vijfentwintig deelnemers: auteurs, mensen uit het onderwijs en zelfs een parlementariër. Twee boeiende avonden, waar alle deelnemers zelf verhalen hadden geschreven die we bespraken. De inzet was om ze te laten schrijven over de eigen cultuur in eenvoudige zinnen voor beginnende lezers. De Antilliaanse cultuur is een narratieve: verhalen vertel je. Ook de meer ervaren auteurs bleven tijdens de workshop schrijven vanuit het vertellend perspectief. We oefenden om het om te zetten in een ander perspectief.

We bespraken ook kritiek. ‘Dit is mijn verhaal, hoezo moet het anders?’ ‘We oefenen schrijven, je moet dienstbaar zijn aan de lezer,’ was mijn kwetsbare weerwoord. Met tachtig kinderboeken op mijn naam, weet ik waarover ik het heb. Maar een verhaal blijft ook auteur-eigen. Zeer ervaren auteurs zoals Loeki Morales uit Sint-Maarten en de populaire muzikale verteller Alvin Inecia (artiestennaam Tio Ali) uit Curaçao kregen de smaak van het ‘oefenend schrijven’ te pakken. De positieve energie sloeg in warme golven door de ruimte.

Aan het einde van de week werd me gevraagd met een live tv-interview van een uur meer te vertellen over de workshop kinderboekenschrijven. De interviewster had zich terdege geïnformeerd bij cursisten, zeker bij de bekende schrijvers van het land. Ik kreeg een zeer positieve review. Na drie weken auteurstournee voel ik me in verbinding staan met alle mensen: bibliotheekmedewerkers, leerkrachten, auteurs, ouders die zich inzetten om het lezen van kinderboeken te stimuleren. Ik voel me vrij om met de interviewster verder in gesprek te gaan over mijn ervaringen. Vanuit mijn vakkennis als kinderfysiotherapeute, een andere uitdaging naast mijn auteurschap, kan ik mijn visie delen over onder andere onderwijs. Het onderwijssysteem op de Antillen is uitgesproken klassikaal en cognitief ingesteld. Veel meer bewegen in de klas, leerervaringen opdoen gekoppeld aan beweging is een van mijn warme aanbevelingen. Ook mijn ervaring rond dyslexie komt ter sprake. Later kijk ik de uitzending op facebook terug. Een heel verhaal waar ik zeer positieve reacties op krijg.

De ochtend voor vertrek signeerde ik in de boekhandel Bruna op Curaçao. Kinderen stonden in de rij, mijn boeken raakten uitverkocht. Met een hart vol warmte en heimwee, twee lege koffers – de derde koffer hadden we weggegeven – stapten we in het vliegtuig. DAG ABC! De zon verdween in het blauw van de zee.

Schrijver

Evelien van Dort

publiceerde ruim zeventig kinder- en jeugdboeken, vele artikelen, theaterscripts en een medisch pedagogisch boek. Haar boeken zijn in meerdere talen verschenen. Daarnaast verzorgt ze lezingen en organiseert ze symposia over het belang van lezen en schrijven in binnen- en buitenland. Evelien is verbonden aan de Zorgtuin Gorssel, een groen sociaalmaatschappelijk project. Ze is praktijkhoudend fysiotherapeut kind en jeugd. Positief inhoud geven aan mens, wereld en maatschappijbeeld, is haar missie. In 2016 is ze benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau vanwege ruim twintig jaar inzet voor leesbevordering in binnen- en buitenland. ‘Lezen is een geschenk, het geeft ieder kind toegang tot de wereld. Dit literaire lintje, is voor haar een oproep om door te gaan!’

Bekijk alle weblogs van Evelien van Dort