weblog

Notities over de boekenbeurs in Bogotá

Hola Holanda

12 mei 2016

De Bogotá book fair is een van de grootste boekenbeurzen van Latijns-Amerika. De beurs trekt jaarlijks 500.000 bezoekers, onder wie 30.000 kinderen, en beleefde dit voorjaar zijn 29ste editie. ‘Hola Holanda’ was de slogan die overal op banners, buttons en posters stond, want Nederland was gastland. Vanwege dat gastlandschap waren vijftien auteurs en professionals uit het Nederlandse boekenvak uitgenodigd. Hun bezoek werd gecombineerd met een handelsmissie van bedrijven uit de creatieve industrie. Prinses Laurentien opende de beurs, samen met de Colombiaanse president Juan Manuel Santos.

Prinses Laurentien

Het initiatief voor het gastlandschap kwam van de Nederlandse ambassade in Bogotá, waar een team van hardwerkende, bevlogen mensen zich had gestort op de organisatie. Voor de Nederlandse auteurs waren optredens, presentaties, interviews en workshops geregeld, ’s avonds waren er etentjes en een team van vrijwilligers begeleidde de auteurs. Aan de eerste voorwaarde voor een geslaagd gastlandschap – een ruime hoeveelheid vertalingen – was ruimschoots voldaan. Niet minder dan 36 titels zagen het licht vlak voor of tijdens de beurs: het debuut van Mano Bouzamour, een bloemlezing uit het werk van Cees Nooteboom, een prachtige poëziebloemlezing, geïllustreerde jeugdboeken en non-fictie over uiteenlopende onderwerpen als fietsinfrastructuur en gezond ouder worden.

Anne Frank

Op de beurs is er bijzonder veel aandacht voor Anne Frank, Janny van der Molen geeft workshops en houdt drukbezochte lezingen. Haar boek Buiten is het oorlog, over het leven van Anne Frank, raakt tijdens de boekenbeurs uitverkocht, een tweede druk wordt snel in gang gezet.

De Nederlandse presentatie was ook op andere punten indrukwekkend. Het prachtige Nederlandse paviljoen was ontworpen door MVRDV architecten, die bekend staan om hun moderne, innovatieve bouwwerken. Sterontwerper Irma Boom zorgde voor de grafische vormgeving en Philip Hopman beschilderde samen met Ted van Lieshout de muren van het paviljoen. Behalve op Nederlandse literatuur lag de nadruk op design, architectuur en urbanisme – het was duidelijk dat de ambassade weg wilde blijven van de klompen en de molens.

Beschilderde muren van paviljoen

De grootste uitdaging was om de Nederlandse literatuur te presenteren aan een publiek van uitgevers en lezers dat sterk in ontwikkeling is. Het land probeert zich te ontworstelen aan een al vijftig jaar durende burgeroorlog. De vredesbesprekingen tussen de regering en de FARC hebben tot een fragiel akkoord geleid en iedereen wil praten over de vraag hoe nu verder gegaan moet worden op weg naar een duurzame vrede en naar vooruitgang. Het land is arm; Bogotá is in bepaalde opzichten een onherbergzame stad. Iedereen loopt piepend te ademen en te kuchen, niet alleen vanwege de hoge ligging van de stad, maar ook vanwege de beroerde luchtkwaliteit. Ondanks deze moeilijke omstandigheden en de onzekerheid over de toekomst is er optimisme dat het nu beter zal gaan en daarmee een grote nieuwsgierigheid naar nieuwe ideeën en gedachten. Dat schept mogelijkheden om Nederlandse fictie en non-fictie onder de aandacht te brengen.

Zo spraken mijn collega Barbara den Ouden en ik met Andrés Barragán van uitgeverij Puntoaparte. Hij vertelt dat er in Colombia, dat 40 miljoen inwoners heeft, slechts 250 boekhandels zijn, waarvan een groot deel alleen religieuze boeken verkoopt. De helft van de bevolking heeft nooit een boek in handen, alleen al omdat boeken in Colombia erg duur zijn. Cultuur heeft geen prioriteit voor de zittende regering, die al zoveel heeft te stellen met de nasleep van de oorlog, de corruptie, de drugshandel en de onderhandelingen met de rebellenbeweging. ‘Hoe word ik uitgever in een land waar niemand leest?’ was de vraag die Andrés zich als beginnende uitgever moest stellen. Het antwoord zocht hij met name in branding: het in opdracht sterker maken van merken (van een personage, of een imprint). Daarnaast geeft hij via een speciaal opgezet imprint de boeken uit waarin hij gelooft. Andrés stuurt zijn auto behendig om de diepe kuilen in de weg, ontwijkt alle hem snijdende taxi’s, wisselt voortdurend van baan en vraagt ondertussen wanneer we voor het laatst hebben gehuild: een goed verhaal is een goed verhaal, tenslotte.

Koffie en literatuur

Voor het eerst heeft de beursorganisatie besloten een rechtencentrum voor professionals in te richten, en daar vinden we al snel ons eigen tafeltje. Tot onze verrassing worden de dagen erna volledig in beslag genomen door gesprekken met (voornamelijk) Colombiaanse uitgevers. Iedereen komt langs en we hebben het ene interessante gesprek na het andere. De Colombiaanse uitgevers zijn zich zeer bewust van de rol die ze kunnen spelen in de wederopbouw van het land, in het verzoeningsproces tussen de slachtoffers en de daders dat nu op gang moet komen. Juan David Correa Ulloa van uitgeverij Semana publiceerde de vertaling van Abram de Swaans Compartimenten van vernietiging, over genociden in de geschiedenis, dan ook met dat idee in zijn achterhoofd: hier kan Colombia iets van opsteken, als we patronen kunnen ontwaren in uitbarstingen van geweld, komen we misschien verder in het voorkomen ervan.

Ricardo Arango, samen met zijn zoon (ook Ricardo genaamd), directeur van uitgeverij Arango, laat de Colombiaanse editie van Sonny Boy zien en zegt geïnteresseerd te zijn in het werk van Kader Abdolah. Als Barbara vraagt wat hij zo interessant vindt aan zijn werk, zegt hij: ‘Abdolah is een vechter, een doorzetter, die zich door tegenslagen niet laat weerhouden om iets te bereiken. Dat zal de Colombiaanse bevolking aanspreken.’

Over tegenslag en weerbaarheid gesproken: zou Annejet van der Zijls De Amerikaanse Prinses misschien iets voor Arango zijn? Het verhaal slaat inderdaad aan. Zo proberen we continuïteit te creëren in het contact met deze uitgevers. Wij willen dat dit gastlandschap leidt tot een niet aflatende belangstelling voor Nederlandse literatuur, tot bestendige contacten met de Nederlandse uitgeverswereld. Als uitgeverij Icono de edities van Het seniorenbrein van André Aleman en Maxim Februari’s De maakbare man laat zien, worden we even stil. Beide boeken zijn met zoveel zorg en liefde gemaakt, dat straalt ervan af. Gustavo Mauricio is trots, en vraagt, verrassend voor ons, naar het werk van Bordewijk – is Karakter al in het Spaans vertaald? Barbara framed het boek onmiddellijk als een verhaal over sociale mobiliteit, en begrijpt de belangstelling vanuit dat oogpunt. Dan gaan we naar Maria Osorio van Babel, een prachtige kinderboekenuitgeverij. De kwaliteit van de uitgaven is opvallend, het net verschenen Doei! van Edward van de Vendel en Marije Tolman past naadloos in het fonds en we ontdekken de schitterende illustraties van Ivar da Coll. Maria benadrukt het belang van bibliotheken en leesbevordering in Colombia, zij zegt dat de beschikbaarheid van boeken de belangrijkste prioriteit zou moeten zijn. Om boeken te kunnen verkopen, moet je eerst een publiek creëren, zegt zij. Wij vragen haar waarom boeken in Colombia zo duur zijn, is de hoge prijs niet het belangrijkste struikelblok voor dat potentiële lezerspubliek? Jawel, maar er heerst nu eenmaal inflatie, de kostprijs is hoog en de oplages laag en tja, zegt ze, dan kom je dus uit op een hoge verkoopprijs.

Gelukkig zijn we ook nog in de gelegenheid om een paar boekpresentaties bij te wonen. In het Nederlands paviljoen wordt Abram de Swaan geïnterviewd over verzoening, samen met een jonge journalist uit Rwanda. Beide mannen waren drie jaar oud toen in hun eigen omgeving een genocide plaatsvond. Het gesprek gaat over de berechting van de daders, en Abram de Swaan pleit voor geduld; zeventig jaar na dato worden er nog SS’ers veroordeeld, het zal misschien ook in Colombia zo lang duren tot het recht zijn loop neemt. Richt je nu vooral op een goede documentatie, die zal je later van pas komen, is zijn advies. En ondertussen, zegt hij, zit geen van die daders ooit écht rustig achter zijn cocktail - laat dat een troostende gedachte zijn. Het publiek lacht, maar niet van harte.

Enorm druk is het bij de lancering van De belofte van Pisa van Mano Bouzamour, die ook hier de show steelt. Maxim Februari vertelt een groep studenten over zijn transitie van vrouw naar man. Hij gaat in op de invloed die zo’n verandering heeft op je identiteitsbeleving en op hoe anderen naar je kijken. De studenten hebben vrijwel allemaal zijn boek gelezen en komen met zó veel vragen dat het gesprek na twee uur nog in volle gang is.

Maxim

Zo proberen we onze literatuur met de Colombiaanse werkelijkheid te verweven, lachen we veel, wordt ons Spaans iedere dag beter en drink ik veel te veel koffie. Ondertussen worden we geïnterviewd door de beursorganisatie en door de directeur van de Spaanse rechtenwebsite ‘The Spanish Book Stage’, praten we voor een volle zaal over veranderingen in het internationale uitgeversvak en presenteren we allerlei boeken voor het publiek in het Nederlandse paviljoen. Als ik het land verlaat, realiseer ik me dat iedereen met wie wat langer in contact waren, de hoop uitsprak dat er iets gaat veranderen, dat de toekomst van Colombia beter wordt. PAZ (vrede) was dit jaar niet voor niets het thema van de beurs, het woord zag je werkelijk overal in de stad - als een bezwering.

Links:

PAZ (vrede) was dit jaar het thema van de beurs, het woord zag je werkelijk overal in de stad - als een bezwering.

Mireille Berman

Non-fictie specialist

buitenland

Non-fictie specialist

m.berman@letterenfonds.nl

lees meer