weblog

Reisverslag #3: Wassenaar

Het fin de siècle van de jaren negentig

6 augustus 2015

Bij aanvang van mijn writer in residence periode aan het NIAS was ik van plan een boek over Heideggers denken over Hölderlins dichtwerk te schrijven. Een onderwerp dat mij al sinds mijn filosofiestudie in de jaren negentig bezighoudt. Mijn idee was om dit werk te schrijven vanuit een persoonlijk, concreet vertrekpunt, vanuit anekdotes en ervaringen die mij in staat stelden om Heideggers metafysische gedachtengoed naar me toe te trekken en te verbinden aan alledaagse overpeinzingen. Het lommerrijke terrein van het NIAS vlak achter de Wassenaarse duinen, leek mij de ideale plek voor deze studie. Niet in de laatste plaats vanwege de aanwezigheid van de bibliotheek die elk boek dat je maar wenste voor je kon bestellen.

Kort voordat ik aan mijn writer in residence periode begon, kwamen van Heidegger de zogenoemde Schwarze Hefte uit, de nog ongepubliceerde dagboeken van de beroemde denker. Hieruit bleek dat de filosoof toch antisemitischer was dan jarenlang gedacht was. Er ontstond een hernieuwde discussie rondom dit thema en vele publicaties verschenen waarin Heidegger opnieuw onder de loep werd genomen. Ik volgde dit alles en wilde ook dit in mijn boek verwerken. Maar hoe meer ik me ermee bezighield, hoe verder ik me ervan voelde afdrijven. Ik begon me af te vragen waarom ik nu eigenlijk zo gefascineerd was door deze filosoof? Ik verdiepte me in de werken die ik tijdens mijn studententijd over Heidegger had gelezen, allemaal stukken die in de jaren negentig waren verschenen en waarin poststructuralistische filosofie dominant was.

Bureau Jannah Loontjes Kantoor.

Dit poststructuralistische denken en het traceren van etymologische betekenissen, waar Heidegger de eerste aanzet toe had gegeven, bracht mij niet alleen terug naar de filosofische werken die ik in de jaren negentig las, maar ook naar de films, literatuur en muziek van de jaren negentig. De nineties waren een merkwaardige periode: de koude oorlog was voorbij, de recessie van de jaren tachtig was overwonnen, het was de tijd ná de val van de muur en de tijd vóór nine-eleven. Het was ook de tijd vóór mobiele telefonie, vóór alledaags gebruik van e-mail en alomtegenwoordig internet. Het was een geheel andere wereld vergeleken met de wereld waarin we nu leven. Het is een dwalende weg vol onverwachte bochten geweest, maar mijn plan om over Heidegger te schrijven vormde zich langzaam om tot een plan om over het fin de siècle-denken van de jaren negentig te schrijven.

Mijn kantoor aan het einde van de stille gang in het NIAS-gebouw, waar de academici, allen met hun deuren open, driftig zaten te typen, mijn herhaaldelijk uit het raam staren naar de struiken en traag wiegende takken, altijd in de hoop het nerveuze eekhoorntje, dat even besluiteloos als ikzelf leek, nog een keer te mogen zien, heeft mij geholpen om eindelijk vorm te geven aan het idee waarmee ik jarenlang heb rondgelopen en waarvan ik dacht dat het een boek over Heidegger zou zijn, maar dat uiteindelijk een boek over het gedachtengoed in de jaren negentig zou blijken te zijn. Ik heb het de titel Behoud van mijn naïviteit gegeven, een titel waaruit blijkt dat mijn aanpak nog dezelfde zal zijn, vertrekkend vanuit eigen ervaringen en vergissingen.

Lunchtijd Fellows onderweg naar Het Ooievaarsnest voor de lunch.

Vooral de terugkerende NIAS-rituelen, die bij de routine van mijn dagen zijn gaan horen, zal ik missen: de wandelingetjes van het hoofdgebouw naar Het Ooievaarsnest, van het conferentiegebouw, langs Het Uilennest, de dagelijkse oproep, stipt 12.25: ‘Dear fellows, it’s time to go for lunch’, waarop alle fellows braaf de gang opliepen, het geluid van sluitende kantoordeuren, en in ganzenpas naar het Ooievaarsnest, langs het grasveldje, over het bruggetje… Ook zal ik het ijverige en veelsoortige kwetteren van de vogels missen. Ja, ik zal de entourage van het NIAS missen. Het is doodzonde dat het nog maar een jaar op deze uitzonderlijke locatie zit.

Fellows Selfie met een aantal NIAS fellows.

Lees ook de eerdere reisverslagen:

Relevante links:

Mijn herhaaldelijk uit het raam staren naar de struiken en traag wiegende takken, altijd in de hoop het nerveuze eekhoorntje, dat even besluiteloos als ikzelf leek, nog een keer te mogen zien, heeft mij geholpen om eindelijk vorm te geven aan het idee waarmee ik jarenlang heb rondgelopen en waarvan ik dacht dat het een boek over Heidegger zou zijn, maar dat uiteindelijk een boek over het gedachtengoed in de jaren negentig zou blijken te zijn.

Schrijver

Jannah Loontjes

Jannah Loontjens (1974) is filosoof en schrijver. In 2013 verscheen onder andere de roman Misschien wel niet. In 2007 debuteerde zij met de roman Veel geluk. Haar tweede roman Hoe laat eigenlijk (2011) werd genomineerd voor de Halewijn-literatuurprijs. Naast haar schrijverschap, doceert Loontjens filosofie en literatuuranalyse aan ArtEZ en schrijft ze recensies voor de Volkskrant, veelal over Scandinavische literatuur, en poëzierecensies voor Awater.

Bekijk alle weblogs van Jannah Loontjes