Schrijver Christiaan Weijts verblijft sinds september 2011 op uitnodiging van het Nederlands Letterenfonds aan het NIAS (Netherlands Institute for Advanced Studies) in Wassenaar om er aan zijn nieuwe roman met de werktitel Augustusplein te schrijven. Met het einde van ‘zijn’ semester in zicht, schreef hij voor Mare een impressie vanuit het onderzoeksinstituut.
“13.45 Terug in kamer 106 kijk ik een half uur hoe de miezerregen het bos besprenkelt. Ik sleutel verder aan een scène die zich in het zwembad van een legerkazerne afspeelt. Op een middag in oktober verscheen voor mijn raam in het bos ineens een team hoveniers met klimuitrusting, om dode takken af te zagen, kapmes en cirkelzaag bungelend aan een riem. Het spektakel tuimelde rechtstreeks mijn roman binnen.
Zo gaat dat in zo’n omgeving als deze: er is altijd wel iets wat je kunt gebruiken. Zoals ik van vrijwel elk specialisme nu iemand in huis heb die wat toelichting wil geven. Op vrijdag geeft hoogleraar Ronald Noë, primatoloog/psycholoog te Straatsburg, bijvoorbeeld college over de menselijke evolutie. Er was een seminar over de Europese schuldencrisis. Zelf waagde ik een poging tot een workshop writing.
Nu het december is, begint bij sommigen de onrust toe te slaan. Veel fellows moeten in februari weer terug de gewone wereld in, waar hun project zal verzuipen onder onderwijsverplichtingen, administratie, promovendibegeleiding en vergaderingen. Het vita contemplativa dat vanouds onlosmakelijk bij het universitaire bestaan hoorde, is allang geweken voor de bedrijfsmatige aanpak die universiteiten onthutsend sterk op gewone werkplekken heeft laten lijken. Deze duincampus is het laatste toevluchtsoord voor de geest.”

